Chat with us, powered by LiveChat Bindend advies GcZ, 15 april 2026, SKGZ202500782 - SKGZ Staging
Menu overslaan

Bindend advies GcZ, 15 april 2026, SKGZ202500782

Afgewezen

- 202500782

Farmaceutische zorg
Verzoeker heeft, bij ontbreken van een medische noodzaak, geen aanspraak op vergoeding van het merkgeneesmiddel Nexium® 40 mg.

Uitspraak

Verzoeker gebruikt sinds 2015 het merkgeneesmiddel Nexium® 40 mg. De apotheker vertelde hem dat dit middel niet wordt vergoed, waarop verzoeker de kosten zelf heeft betaald. Verzoeker heeft de ziektekostenverzekeraar sindsdien diverse keren verzocht het middel aan hem te vergoeden, maar de ziektekostenverzekeraar heeft deze verzoeken telkens afgewezen. De commissie beslist tot afwijzing van het verzoek de ziektekostenverzekeraar te verplichten alsnog een vergoeding te verlenen voor Nexium®. Verzoeker maakt aanspraak op een ander geneesmiddel dan door de ziektekostenverzekeraar is aangewezen als preferent geneesmiddel. Daarom is het aan hem te onderbouwen dat het in zijn geval medisch niet verantwoord is het preferente geneesmiddel te gebruiken. Het betreft hierbij de generieke variant met de werkzame stof esomeprazol. De huisarts van verzoeker heeft in dit verband in zijn verklaring van 14 oktober 2025 gesteld dat verzoeker verschillende alternatieven voor Nexium® heeft gebruikt, maar dat deze geneesmiddelen geen definitieve oplossing voor de klachten met zich brachten. Uit deze verklaring noch uit het dossier blijkt welke generieke variant(en) van Nexium® verzoeker toen heeft gebruikt. Enige onderbouwing, in de vorm van bijvoorbeeld een verwijzing naar een allergie of overgevoeligheid voor een specifieke hulpstof, ontbreekt. Het Zorginstituut heeft in zijn voorlopig advies van 23 februari 2026 geconcludeerd dat verzoeker geen aanspraak heeft op vergoeding van Nexium® omdat een medische noodzaak ontbreekt. Deze conclusie heeft het Zorginstituut in zijn definitief advies van 8 april 2026 gehandhaafd. De commissie ziet geen aanleiding van het advies af te wijken en oordeelt dat door verzoeker niet is aangetoond dat het in zijn situatie medisch niet verantwoord is de preferente variant van het geneesmiddel te gebruiken.

Uitspraak Bindend advies GcZ, 15 april 2026, SKGZ202500782